Wie woont hier nog meer?
Respect voor alles wat leeft begint niet bij beschermen. Het begint bij de ontdekking dat wij deze wereld delen met ontelbaar veel andere bewoners.
In Het Woud der Legenden stelt Aimée soms vragen waar volwassenen niet direct een antwoord op hebben. Dat vindt ze zelf meestal geen probleem. Haar oude vriend Balla ook niet. ‘Sommige vragen hoeven niet opgelost te worden. Ze mogen best een tijdje met je meelopen,’ zegt hij dan.
Een vraag die alles verandert
Op een dag staat Aimée abrupt stil bij een oude boom en kijkt omhoog naar de takken. Naar de vogels die af en aan vliegen. Naar een eekhoorn die ergens tussen het groen verdwijnt.
Ze draait zich om naar Balla. ‘Van wie is deze boom eigenlijk?’ Balla glimlacht. Niet omdat hij het antwoord weet. Maar omdat hij de vraag mooi vind. ‘Ik denk,’ zei hij, ‘dat je eigenlijk eerst een andere vraag moet stellen.’ Aimée kijkt met een vragende blik naar hem op. ‘Wie woont hier nog meer?’ Het lijkt een eenvoudige vraag. Maar dat is het eigenlijk niet. En we stellen hem niet zo vaak op de manier zoals hij eigenlijk bedoeld is.
De wereld draait niet alleen om mensen
Veel kinderen groeien op in een wereld die vooral vanuit mensen wordt bekeken. We praten over onze huizen, onze straten, onze scholen, onze speeltuinen en onze parken. Zonder dat we het merken, gaan we soms denken dat alles om ons heen er vooral voor mensen is.
Maar een boom weet dat niet. Een vogel weet dat niet. Een vos weet dat ook niet. Een rivier weet dat niet. Zij leven hun eigen leven. Niet voor ons. Niet vanwege ons. Gewoon omdat ze bestaan.
Kinderen begrijpen dat vaak verrassend goed. Misschien omdat zij nog gemakkelijker kunnen kijken zonder meteen alles naar zichzelf toe te trekken. Ze kunnen zich verwonderen over een vogel zonder hem te willen hebben. Ze kunnen kijken naar een mier zonder zich af te vragen wat die voor nut heeft. Ze kunnen genieten van een boom zonder te bedenken wat hij oplevert. Gaandeweg het leven raken we dat vaak een beetje kwijt.
We leren de wereld benoemen, verklaren en gebruiken. Dat is waardevol. Maar ondertussen kunnen we vergeten dat het leven om ons heen niet alleen een achtergrond is voor ons eigen verhaal. Alles om ons heen heeft ook een eigen verhaal. Een verhaal dat zich ook ontvouwt. Ook wanneer wij niet kijken. Ook wanneer wij niet luisteren. Ook wanneer wij er geen naam aan geven.
Wat geven we kinderen eigenlijk mee?
Respect voor alles wat leeft begint daarom niet bij beschermen, maar bij erkennen. Bij het besef dat wij de wereld delen met ontelbaar veel andere vormen van leven. We zijn niet de bezitters, en ook niet de bezoekers. We zijn mede-bewoners. Dat verandert iets. Want wie zichzelf eenmaal ziet als mede-bewoner, kijkt anders naar de wereld. Niet alles hoeft dan van ons te zijn. Niet alles hoeft om ons te draaien. En dan ontstaat er ruimte voor bescheidenheid. Voor aandacht. Voor respect.
Is dat niet één van de belangrijkste ontdekkingen die we kinderen kunnen meegeven? Niet dat de wereld van hen is. Maar dat zij deel uitmaken van een levende wereld die al bestond voordat zij geboren werden. En die nog altijd vol leven is. Leven dat, net als zij, een plek heeft onder dezelfde zon.



