Hoe leer je een kind opkomen voor een ander?

In iedere groep kan het gebeuren: een kind wordt buitengesloten, uitgelachen of subtiel naar de rand van de kring geduwd. Veel kinderen zien het gebeuren. Sommigen voelen dat het niet juist is, maar weten niet wat ze moeten doen. Anderen willen wel iets zeggen, maar durven niet. Juist daar ligt een belangrijke opvoedingsopdracht. Een kind leren opkomen voor een ander vraagt meer dan het aanleren van een paar zinnen. Het vraagt om het voeden van empathie, moreel besef en een diep gevoel van verbondenheid.

Een begin

Een inspirerende leidraad is daarbij onze Ubuntuopia-filosofie: wie een ander pijn doet, doet daarmee ook de gemeenschap pijn. En uiteindelijk ook zichzelf. Wat kinderen van nature bezitten, is het vermogen tot empathie. Dat vermogen heeft voeding nodig.

In het dagelijks leven liggen daarvoor talloze kansen: een gesprek aan tafel over iets wat op school gebeurde of een scène in een film waarin iemand wordt buitengesloten.

Door de vraag te stellen: ‘’Hoe zou jij je voelen in zo’n situatie?’’ of ‘’Wat zou iemand kunnen doen om te helpen?’’ leren kinderen niet alleen emoties herkennen, maar ook verantwoordelijkheid te nemen voor wat ze zien.

Een voorbeeld zijn

Toch is empathie alleen niet genoeg. Kinderen kijken vooral naar wat volwassenen doen. Wie wil dat een kind opkomt voor anderen, moet dat zelf zichtbaar voorleven. Dat betekent dat je als opvoeder reageert op kwetsende opmerkingen, dat je respectvol spreekt over anderen en dat je hardop benoemt waarom je ingrijpt. Wanneer een kind dat hoort, krijgt het niet alleen een voorbeeld, maar ook taal om later zelf te gebruiken.

Opkomen voor een ander vraagt daarnaast om oefening. Veel kinderen willen wel helpen, maar weten simpelweg niet hoe. Door samen situaties na te spelen en woorden te oefenen, verlaag je de drempel. Zinnen als: ‘’Stop, dit is niet oké.’’ Of ‘’Kom, ik ga met je mee.’’ Kunnen een groot verschil maken. Even belangrijk is het besef dat hulp halen bij een volwassene geen klikken is, maar zorg dragen voor veiligheid. Het beschermen van de gemeenschap is een gedeelde verantwoordelijkheid.

Identiteit

Zelfvertrouwen vormt een belangrijke basis. Kinderen die stevig in hun schoenen staan, durven eerder een afwijkende stem te laten horen in een groep. Positieve feedback op inzet, karakter en doorzettingsvermogen helpt daarbij. Tegelijkertijd is het essentieel dat kinderen zich onderdeel voelen van een groter geheel. Wanneer in een gezin, klas of sportteam expliciet wordt gesproken over de vraag: “Wat voor groep willen wij samen zijn?”, ontstaat er een gedeeld normbesef. Verbondenheid wordt dan niet alleen een gevoel, maar ook een gezamenlijke afspraak.

Een kind leren opkomen voor een ander is geen eenmalige les, maar een voortdurend proces van gesprekken, voorbeelden en kleine momenten van moed. Door empathie te voeden, verbondenheid centraal te stellen en verantwoordelijkheid samen te dragen, help je kinderen uitgroeien tot mensen die niet wegkijken wanneer het moeilijk wordt.

Want uiteindelijk geldt: wie een kind leert zorgen voor een ander, bouwt mee aan een samenleving waarin niemand er alleen voor staat.

Aimée en Sem spelen samen op het schoolplein tijdens de pauze. Plots ziet Aimée in de verte een meisje staan. Ze staat alleen en heeft niemand om mee te praten. Andere kinderen kijken naar haar, maar tonen verder geen reactie.

‘Sem,’ begint Aimée. ‘Zullen we aan dat meisje vragen of ze met ons mee wil doen? Ik vind het nooit eerlijk als iemand helemaal alleen staat. Balla heeft mij geleerd dat iedereen in de cirkel gelijkwaardig is.’

Sem knikt instemmend. ‘Buitensluiten is niet aardig, kom, laten we naar haar toe gaan!’ Samen lopen ze richting het meisje en hebben ze een fijne tijd.

Scroll naar boven